ZCFC door de jaren heen
Onze historie 1981-2006
Interviews
Ondanks dat er liefst 63 ZCFC’ers bedankten voor de eer, bleef het ledental van het Zaanse Oranje toch rond de 500 schommelen. Ook huisorgaan Goal kreeg een facelift door interviews met bekende Zetters, zoals keepster Marieke van Soest. “Kom je uit Soest?”, zo luidde de eerste, hoopgevende vraag. “Niet dat ik weet,” antwoordde Marieke. “Ik ben namelijk in Zeist geboren.” Hier was duidelijk sprake van een echt diepte-interview. Duidelijke taal sprak ook Piet van der Brugge. ‘El Presidente’ deed zijn beklag over het geringe aantal werkers. Toch had Piet ook goed nieuws te melden, want het eerste stond sinds zeven jaar bovenaan. Voor even, want ondanks het meespelen van extrainer Frank Bruijnesteijn werd er kansloos verloren van ZOB. Een stel boterletters had de euvele moed om met krokusvakantie te gaan. Dus werden we net geen kampioen. Helaas, pindakaas. Bertus Baljet had er terecht schande van gesproken. Voor deze markante clubman, die slechts 67 jaar mocht worden, was ZCFC namelijk eten en drinken tegelijk. Intussen begon barkeeper Frans Stor zich ook zorgen te maken omdat het aantal poffers uit de klauw begon te lopen. De voorzitter zag met alweer een nieuwe trainer, Jan Westrik, licht in de tunnel. “Wellicht worden we met Jan wèl kampioen. Het zal de vereniging een kick geven.” Dat moest nog afgewacht worden. In ieder geval werd Oranje Europees kampioen en bestond de damesafdeling 10 jaar. De immer optimistische PietvdB is echter somber gestemd. Wat heet! Piet is pissig, want stelselmatig wordt hem gevraagd wat er in vredesnaam met Zet aan de hand is. Het moet ook niet gekker worden, want degradatie dreigt. Tot overmaat van ramp kondigt Westrik alweer zijn vertrek aan. “En het ging net zo lekker,” was daarop het cynische commentaar van de immer objectieve vijfde colonne.
Goof Groot
Ach ja, Goof Groot moest eens weten. Goof wie? Iedereen noemde namelijk deze supporter van het eerste uur Goof, maar of hij werkelijk zo heette? Goof bezocht zelfs alle trainingen. Dat begon al op het Westzijderveld waar je eerst zonder kleerscheuren de spoorlijn moest zien over te komen of om via een drijvend vlot op een pad van steenkolengruis te komen. Na een metershoge en steile brug te hebben beklommen doemde in de verte dan een houten keet op. Daar, op het Milanello van Zaandam, gebeurden soms vreemde dingen. Goof dronk daar zijn door de familie Meinen ingeschonken beker chocolademelk. Omdat het op een gegeven moment plensde van de lucht zat Goof daar uren en uren. Toen hij het tellen der druppels zat was, sprong Goof op zijn stalen ros. Een paar minuten later stond hij bedremmeld in de deuropening. De aanwezigen schrokken zich een slag in de rondte en dachten dat er een geest voor hen stond. Goof zat van top tot teen onder de blubber en vertelde besmuikt dat hij met fiets en al pardoes in de prutsloot was gereden. “Dat kunnen we wel zien; er zit nog een kikker op je hoofd,” grapte Arie Koetsier, de trainer die immer een flesje jonge jenever in zijn tas had zitten.
Piet Janse en Jan Kan
Dat was lachen, maar werd er ook bijvoorbeeld in het seizoen 1989-’90 gelachen? Bepaald niet. Piet van der Brugge geeft de voorzittershamer over aan Paul Klijn, èn op de bank kwam in de persoon van Rien Heyne een nieuwe geluksvogel te zitten. ZCFC kreeg klap op klap. Ten eerste overleed oud-voorzitter, manager en penningmeester Piet Janse, terwijl ook het doek viel voor het eerste elftal. Degradatie naar de 4e klasse was een feit. Ongekend, eigenlijk ongehoord. Kennelijk was de bodem van de lijdensbeker nog niet in zicht, want de hele oranje-zwarte familie moest afscheid nemen van Jan Kan. Een van de beste voetballers die ZCFC ooit heeft voorgebracht, bezweek op 50-jarige leeftijd na een tragisch ongeval in zijn bedrijf. Jan speelde in een elftal met een doelman van wie nog steeds het verhaal gaat dat die een riante reiskostenvergoeding kreeg. Van wie weet niemand. Doet er ook niet toe; ZCFC was al lang blij dat ze de doelman van het Nederlands jeugdzaterdagelftal had weten te strikken. De Joode kreeg zelfs aparte training van niemand minder dan Piet Kraak, eens de doelman van het grote Oranje. Na een wedstrijd kreeg je hooguit een paar consumptiebonnen van elftalleider Bertus Baljet. En als je erg je best had gedaan kreeg je er van Bertus zelfs drie. Zo nu en dan werden de eerste-elftalspelers op een biefstuk getrakteerd. Dat gebeurde voor een belangrijk duel dan meestal in hotel De Prins in Westzaan en vond er na de dis een tactische bespreking plaats.

1e elftal 1994/1995- Sportpark De Kalverhoek Boven v.l.n.r.: Paul Conijn (verzorger), Rob Broekema (trainer), Milo Smis, Ronald Heine, Wim Heine, Kenrick Heijn, Bob van Dijk, Wil de Jager, Rinus Segveld (elftalleider), Gerrit Kant (grensrechter). Onder v.l.n.r.: Nico Jongbloed, Arjan Pieters, Martin Tokkie, Jaap Meijer, Dennis de Graaf, Ron Pos, Cees Rootlieb en Nanne Riensema.